dinsdag 16 maart 2010
   
Columns
   

 

 

De Trèveszaal en de mis van Hendrik IV

Minuten na de beëidinging van de nieuwe Kamerleden stelde Wouter Bos een onderwerp aan de orde waarvan hij als geen ander weet hoe brisant het is. De fractieleider van de PvdA, gebutst door de smadelijke nederlaag van zijn partij bij de Kamerverkiezingen, wilde met een spoeddebat over het ‘generaal pardon’ markeren dat er sinds 22 november een wind van solidariteit in de Tweede Kamer waait. En dat de coalitiepartijen in het parlement hun meerderheid kwijt zijn.

Nieuwe tijden, nieuwe verhoudingen.
De felicitatiebloemen lagen nog op hun bankjes en hun trotse familieleden – ouders, partners, kinderen – keken toe vanaf de publieke tribune toen de nieuwbakken Kamerleden in hun allereerste parlementaire vergadering moesten stemmen over de motie tegen het asielbeleid van minister Verdonk (Vreemdelingenbeleid, VVD). De motie werd met de kleinst mogelijke meerderheid aangenomen: 75 stemmen voor en 74 tegen.
Kamerleden van links roffelden triomfantelijk en vielen elkaar emotioneel in de armen, die van de coalitiepartijen telden zwijgend hun knopen.

De politieke fallout van deze uiting van progressieve correctheid is groter dan de vermoedelijk symbolische betekenis voor de uitgeprocedeerde asielzoekers van deze Kameruitspraak. Want hier tekende zich de nieuwe politieke verhoudingen af die in Nederland gelden sinds de parlementsverkiezingen. Verhoudingen die hun schaduw vooruit werpen op de vorming van een nieuw kabinet.

De kiezers hebben een historische verschuiving in de Kamer teweeg gebracht. De ‘gekleurde muisjes-coalitie’ van PvdA, SP, GroenLinks, ChristenUnie, D66 en Partij voor de Dieren heeft een absolute meerderheid en kan daarmee, in theorie, alle besluiten van de afgelopen jaren terugdraaien. Net als met de stemming over het generaal pardon.

Niet eerder was er een politieke partij ter linkerzijde van de PvdA in de Kamer met zoveel zetels als de SP van Jan Marijnissen. De Communistische Partij Nederland (CPN) haalde 10 zetels na de Tweede Wereldoorlog (toen de Kamer uit 100 vertegenwoordigers bestond) en bereikte een grootste omvang van 7 zetels op de golven van de maatschappelijke onrust in 1972. De SP, een partij die het marxisme weliswaar heeft afgezworen maar de ideologie van de ‘massalijn’ van het Chinese maoisme (politiek werk verrichten in buurten, bedrijven en lokale groepen) nooit heeft losgelaten, heeft nu met 25 zetels ruim drie keer zo veel parlementaire vertegenwoordigers. Ze zijn gepokt en gemazeld in het buiten-parlementaire activisme van de SP.

De PvdA, met zijn wortels in de parlementaire traditie van de sociaal-democratie en voortgekomen uit een ideologische breuk met de marxisten binnen de partij in 1909, had tijdens de verkiezingscampagne radicaal afstand van de SP moeten nemen. Daar waren voldoende aanknopingspunten voor: op het gebied van Europese politiek, internationale vredeshandhaving, belastingverzwaring voor het bedrijfsleven, prikkels voor de arbeidsmarkt en marktordeningsbeleid. Op deze en talloze andere terreinen vertolkt de PvdA een ander standpunt dan de SP. Maar nu daarvan bewust is afgezien, is de partij van Wouter Bos gevangen in een stroming waarin de PvdA naar links wordt gezogen. Dat geeft de overwinning van de SP alleen maar meer glans. De PvdA haalt hiermee geen stemmen bij de SP weg, maar is de gegijzelde van de lokroep van Marijnissen geworden.

Het gevolg is dat er op de eerste dag van de nieuwe Tweede Kamer een welhaast prerevolutionaire sfeer van agitatie in het parlement hing. De haast van Bos om als eerste het spoeddebat over de uitgeprocedeerde asielzoekers aan te vragen, was symptomatisch. Het ‘linkse blok’ ging de bakens na vier jaar ‘neo-liberaal’ beleid verzetten. Het was de triomf van de SP en de PvdA blies dapper mee om vooral niet de indruk te wekken achter te blijven.

Maar hoe linkser en socialer de PvdA zich opstelt, des te moeilijker zal het worden de inhoudelijke en cultureel-politieke kloof met het CDA te overbruggen tijdens de (in)formatiebesprekingen. En dat brengt de tekortkomingen van deze strategie aan het licht. Het kan eindigen een in échec.

Eén blik op het SP-programma is voldoende om te zien hoe groot de kloof is met de hoofdstroom van de Nederlandse politiek. De SP wil belastingverhogingen voor het bedrijfsleven, inkomensnivellering voor burgers, hogere en langere uitkeringen. De partij is voor terugdraaiing van privatiseringen, tegen marktwerking en voor het herstel van de collectieve sector. Zelfs met een aftreksel hiervan zal het CDA nooit akkoord gaan en ook voor de PvdA wordt dat slikken.

Tenzij… Tenzij Jan Marijnissen er werkelijk alles aan gelegen is om in de regering te komen. Nu kan het, hij bevindt zich op het toppunt van zijn populariteit, hij heeft de goodwill van de media en de SP heeft een omvang bereikt die niet eenvoudig te evenaren valt. Met andere woorden: het adagium van de (protestantse) Franse Koning Hendrik IV uit 1593 indachtig (‘Paris vaut bien une messe’) kan Jan Marijnissen besluiten dat een zetel in de Trèveszaal hem ‘best een mis waard is’.

Roel Janssen

Roel Janssen is redacteur van NRC Handelsblad en thrillerschrijver